De wedstrijd
Als ik na een verblijf in de Highlands op vrijdag weer terugkom in Glasgow word ik voor het hostel al opgewacht door de volledige cast van de Fabeltjeskrant, levensgroot (of nog groter eigenlijk). De Hollanders zijn gearriveerd.

Omdat ik niet opgescheept wil zitten met een stel carnavaleske figuren met een oranje koe op hun hoofd (ook het Schotse equivalent, een compleet monster van Loch Ness als hoofddeksel, heb ik gesignaleerd) zoek ik de volgende middag een kroeg buiten het centrum van Glasgow op. Ik denk de enige Nederlander te zijn tussen enkel Schotten. Ik vraag me af of ik durf juichen als Nederland zal scoren. Daar ben ik nooit achter gekomen. Wel bleek er nog een andere Nederlander (net als ik incognito) aanwezig.

’s Avonds als ik door de stad richting een optreden, mijn eigenlijke doel van die dag, loop, word mijn weg geblokkeerd door een grote groep voetbalfans. Hollanders en Schotten door elkaar. Rellen? Nee, iemand zal op het brandalarm hebben gedrukt. De brandweermannen ondergaan de grap gemoedelijk. Een aantal jongens gaat op de foto met de ladderwagen. Gejuich stijgt op als de bestuurder de sirene even laat loeien.

In Nice ‘n’ Sleazy, de alternatieve bar met concertkelder waar die avond, onder andere, Ninetynine zal optreden tref ik toch nog vier Hollanders. Lichtelijk teleurgesteld maar vol van de Schotse gastvrijheid. Ik heb echter niet de indruk dat ik ze enthousiast maak met de mededeling dat er straks drie bandjes in de kelder spelen.

Ninetynine speelt goed, de reacties zijn overweldigend. Rudolf, een excentriek uitziende computerfilosoof, staat met gebalde vuisten over de passie van de band oreren. De kleine zestigjarige Duitser met lange, grijze, achterovergekamde haren had voor het concert nog deemoedig verkondigd dat hij vaak bij de deur van gelegenheden werd geweigerd op zijn voorkomen. Maar nu straalt hij.

Achter in de zaal zie ik (want meteen na de show gaat de tl-verlichting aan) tot mijn verbazing de vier Holanders van zo-even staan. “Te gek bandje zeg! Goeie tip!” Een van hen gaat een cd-tje kopen. “Voor morgen, in de auto.” Met het gevoel van een 1-0 overwinning loop ik terug naar mijn hostel.

17 11 03 - 22:14


reageer: