Hier zit ik en ik kijk naar...
"En toen op een keer sliep ik de hele nacht niet. Ik ging liggen en stond meteen weer op. Maar toen ik opgestaan was begreep ik dat ik moest liggen. Opnieuw ging ik liggen maar sprong prompt weer overeind en ijsbeerde door de kamer. Ik ging aan tafel zitten en wilde schrijven. Legde een vel papier voor me neer, nam een pen ter hand en dacht na. Ik wist dat ik iets op moest schrijven, maar ik wist niet wat.

Ik wist zelf niet of het een gedicht moest zijn of een verhaal; een of ander opstel of gewoon een enkel woord. Ik keek om me heen en het kwam me voor, alsof er het volgende moment iets zou gaan gebeuren. Maar er gebeurde niets. Dat was verschrikkelijk. Ware het plafond neergestort, dan zou dat beter geweest zijn dan zo te zitten wachten op Joost mag weten wat.

De nacht was al voorbij; er reden weer trams en nog steeds had ik geen woord opgeschreven.

Ik stond op en liep naar het raam. Ik ging zitten en keek naar buiten.

En plotseling zei ik tot mezelf: ‘hier zit ik en kijk naar…’

Maar waarnaar keek ik in feite? En toen herinnerde ik me: ‘het raam waardoor ik naar een ster kijk’. Maar momenteel is het geen ster, waar ik naar kijk. Ik weet niet waar ik op het ogenblik naar kijk. Maar datgene waar ik naar kijk is hetzelfde als wat ik niet op kon schrijven.

Op dat moment zag ik U. In badkostuum liep U naar uw raam. Zo zag ik u de eerste keer. Ik zag u door een raam."

Uit: Daniil Charms, Brieven en dagboeken, Uitgeverij Pegasus

19 01 04 - 23:10


reageer: